
Gave Royal Nord stadsfiets is al in orde, nu op zoek naar jasjes, rokjes, … in retro-stijl.
Heerlijk dromen,
Girl!
Prularia en stijlstuff op Oh Joy!
Vandaag stond de toertocht van Dessel op de kalender. Met 4 andere United Bikers (waaronder Mijn Mechanic en zijn pa) zijn we gestart. Op 2 km van de start, na een afdaling in mulle zand, moest ik al lossen. Vooral voor mezelf jammer want als geboren kempenzoon, moet je zandploeteren alsof het een lieve lust is. Na dit eerste dipje, word ik overstelpt met tips: klein schakelen, vaart maken, ploeteren, doorgaan, geven, braaap, gewicht naar achter. Mille grazie, Mijn Mechanic, het heeft geholpen, de vrouw (die zelf niet van het mulle zandbergje aan de Witte Haas durfde) keek toe en zag dat het goed was.
Het parcours was schoon, ik verbaas me over de schoonheid van de natuur in onze buurt. We mogen eenmalig over de site van Sibelco rijden. Mooi rijden, eens iets anders, 2 keer lopen met fiets in de nek (*) voor een grave helling, 1 keer recht op de pedalen om mijn klim-kunsten te bewijzen. De *grao* die telkens aan het eind van zo’n zware inspanning komt, doet wel eens wat koppen omdraaien, maar het helpt me wel om boven te geraken. Da’s een trucje dat ik vooral in ItaliĆ« gebruik om mijn ademhaling bij warm weer onder controle te houden. Geen last van te veel lucht op deze manier. Ook in deze passage: massa’s mulle zand, ik begin het te kennen.
Ik moet aan m’n flow denken, aldus Mijn Mechanic. Wederom braaap, opnieuw ‘gaon’, tout court alles geven. Ik trap zo hard ik kan op de pedalen (niet zo hard in mijn geval) en zweet gelijk een otter. Tot dit afgrijselijke stukje mijn gemiddelde naar beneden haalt. Ik probeer te gaan, ik weet eindelijk waarom ik aan mijn flow moet denken, en verlies hem dan helemaal. Bochten, hoeken, bomen, wortels, losse zand. Oppeppen, gas geven, stoempen, op dreef, afremmen, bocht nemen, oppeppen, gas geven, stoempen, afremmen, stoempen, afremmen… en tijdens dit alles nog galant twee heren laten passeren. De bevoorrading komt niks te vroeg, ze smaakt.
We besluiten even de 45km te volgen om nog enkele mooie singletracks mee te pakken en gaan dan voort op de 25km. Deze afstand loopt deels gelijk met de kidstour. Ik verbaas me over de wilskracht van de jonge knapen en knapinnen. Er staat een goeie opvolging te wachten wanneer de oudsten onder ons op MTB-pensioen gaan. Chapeau gasten! Goed gedaan.
De laatste 10km blijf ik alleen achter met Mijn Mechanic. Wie denkt dat het dan wat rustiger aangaat, heeft het goed mis. Hij trekt z’n bike op zijn achterwiel, doet een afleidingsmanoeuvre, zorgt dat ik in z’n wiel hang, en begint te sleuren. Over boswegen en single tracks, ik zie nauwelijks onderscheid tussen zand, gras, bomen, wortels. Alles is een waas door de onvoorziene snelheid en de vermoeidheid. Ik ben te koppig om af te geven en rij me steendood. Wat een heerlijk gevoel. Voor de zoveelste keer dit jaar, voel ik dat ik leef.
Onverwacht snel zijn we terug aan de start. We drinken een cola en de heren leggen me verbaal in de watten door tips en complimentjes te geven over mijn rijprestatie. Ik gluur naar de andere tafeltjes en merk een zeer groot aantal vrouwen bij het Forza-team. Leuk om jullie zo goed vertegenwoordigd te zien, dames!
Wanneer we terugrijden richting onze thuisbasis, beslis ik prompt om nog iets toe te voegen aan mijn verjaardags-wish-list. ‘t Is enkel nog kiezen tussen de lichte en de donkere versie van deze prachtige mouwstukken.
25km op de teller, en wachtend op het filmpke van de Fons die volgens de geruchten aanwezig was.
Tot gauw,
Girl!
(*) Ach ja, en dat van die fiets in de nek… dat was lichtjes overdreven, maar klinkt toch stoer, niet?